Sinterklaas vindt het elk jaar weer gezellig om al die rijmpjes te lezen. Maar eerlijk is eerlijk… hij is het een béétje zat dat bijna alle sinterklaasgedichten op precies dezelfde manier rijmen. Alsof niemand ooit nog heeft gehoord van rijmschema’s!
Want rijmen kan op zóveel manieren. Bijvoorbeeld gepaard, gekruist, omarmend, verspringend en met slagrijm… In de video hieronder leer je over vijf verschillende rijmschema’s en hoor je voorbeelden van elk.
Opdracht: Kies één van de rijmschema’s uit de video en schrijf een nieuw sinterklaasgedicht van minstens acht regels volgens dat schema. Je mag een gedicht schrijven voor iemand anders (zoals een klasgenoot, ouder of juf), maar je mag ook gewoon een los gedicht over Sinterklaas of het feest maken.
Extra uitdaging: Gebruik zo moeilijk mogelijke woorden. Tip: zoek moeilijke woorden in het woordenboek.